♥ Add to my Songbook
Ons Vader Chords by Ed Kooyman

Ons Vader chords by Ed Kooyman

Guitar chords with lyrics

Tuning: Standard (E A D G B E)

Intro:
| D          | G          | A          | D          |
| A          |

Verse 1:
    D             D                A             D
Ons vader was een struise vent van vijfentwintig jaar,
D            D            E              A
tegen werken dag en nacht had hij geen bezwaar.
D             D             D             G
En zo is 't gekomen dat hij op een zekere keer
G             D              A                D
in de sterkte van zijn jeugd vuurtorenwachter wier.
Interlude:
| G          | D          | A          | D          |
| A          |

Verse 2:
    D                D                 A             D
Die toren stond daar op een rots in 't midden van de zee,
   D                 D             E             A
zo schoon gelijk die toren was, zo waren er geen twee.
     D             D              D                G
Maar als ge er van boven op staat ziet ge niks dan water,
G              D                 A                   D
als ge tijd en goesting hebt, ga maar eens zien, hij staat er.

Interlude:
| G          | D          | A          | D          |
| A          |

Verse 3:
   D              D            A                D
En daar stond ons vader dan te draaien met zijn lamp
D             D                   E               A
tot er op een duistere nacht iets in zijn stralen kwam.
     D                  D              D              G
Toen dacht hij bij zijn eigen : zie ik goed of zen ik mis,
    G                D                A               D
van boven was 't een blote vrouw, van onder was 't ne vis.

Interlude:
| G          | D          | A          | D          |
| A          |

Verse 4:
     D                    D              A               D
Toen heeft hij dat schoon kind van de verdrinkingsdood gered,
   D            D                E              A
ze lag met hare groene staart te drogen op zijn bed.
    D                D              D                 G
Van boven heeft zo'n zeemeermin ook nooit geen kleren aan
       G                D               A           D
en ons vader heeft zijn eigen toen heel efkes laten gaan.

Interlude:
| G          | D          | A          | D          |
| A          |

Verse 5:
   D           D             A           D
Ze waren en ze bleven heel gelukkig alle twee,
   D              D            E             A
ze speelden op de rotsen en ze zwommen in de zee.
D             D            D               G
Tot er op een zomerdag een drieling wier geflikt:
G          D             A             D
twee klein viskes en den derde dat was ik.

Interlude:
| G          | D          | A          | D          |
| A          |

Verse 6:
    D              D                  A           D
Ons moeder is toen van verdriet terug in de zee gegon
  D                  D                 E               A
omdat ze wist dat ze nooit geen zeemeerminnekens kopen kon.
    D                D          D           G
Ons vader heeft drie emmers met tranen volgeblet,
     G               D              A          D
toen heeft hij van koleire die twee viskes opgefret.

Interlude:
| G          | D          | A          | D          |
| A          |

Verse 7:
     D                D                   A                 D
Mijn vrienden, als ge soms eens langs het Noordzeestrand passeert
D              D           E            A
en ge ziet een blote vrouw met een vissesteert,
D                   D            D           G
loopt haar dan eens niet voorbij mee uw ogen toe,
        G              D                 A                D
doet z' alstublieft de groeten, want het is misschien ons moe.

Published:

Last updated:

Please rate for accuracy!
🎸
Accuracy Rating: - Votes: -